Gele hesjes, rode vlaggen: benzine is het nieuwe brood - Mark Blaisse
1319
post-template-default,single,single-post,postid-1319,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-title-hidden,qode-content-sidebar-responsive,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-17.0,qode-theme-bridge,disabled_footer_top,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-5.5.5,vc_responsive

Gele hesjes, rode vlaggen: benzine is het nieuwe brood

Emmanuel Macron beloofde bij zijn aantreden Frankrijk te zullen veranderen. Zijn voorgangers Hollande, Sarkozy en Chirac waren gezwicht voor intimidatie door de vakbonden, belangengroeperingen en beroepsgroepen. Ze waren teruggedeinsd zodra stakingen het land lamlegden. Veranderen was noodzakelijkheid, maar niet ten koste van de rust. Onderhandelen was beter dan star volhouden. Naar het volk luisteren vergrootte de kans op langere tijd op het pluche. Macron was jong en anders. Hij zou koers houden, hoe dan ook. Descartes boven emotie. Dat was een misrekening.

Sinds november is benzine het nieuwe brood in Frankrijk. Benzine betekent vrijheid, gelijkheid en onafhankelijkheid. De mobiliteit duurder maken bewees dat de regenten geen respect hadden voor de basisbehoeften van de massa’s. Macrons belastinghervormingen hebben de kloof tussen arme en rijk pijnlijk zichtbaar gemaakt. Boeren voelen zich gemarginaliseerd, stedelingen vinden dat ze de prijs moeten betalen voor de privileges van buitenlandse bedrijven. De populariteit van een president heeft zelden zo laag gestaan. Het was wachten op de vonk in het kruitvat.

De vraag is of er in Frankrijk sprake is van een blinde elite aan de macht, die de reorganisatie van het land verwart met het leven van de mens en de mechanismen van het staatsapparaat met de passies van een gefrustreerde bevolking.

 

De opstand van de ‘gele hesjes’ heeft op het eerste gezicht veel weg van Mei ’68 en toch is de context heel anders. Toen kwam het protest vooral van jongeren, op een moment dat de economie het goed deed en de werkeloosheid slechts 2% bedroeg. Toen was het protest uit verveling, vandaag is het protest uit woede. Woede over de offers die de afgelopen vier decennia zijn gebracht maar nooit zijn gecompenseerd. Toen waren het studenten, nu zijn het oudere werknemers en gepensioneerden die de straat op gaan, mensen die de eindjes niet meer aan elkaar kunnen knopen. Ze zijn boos omdat ze honger hebben.

Het grote verschil met vijftig jaar geleden is dat communicatie de politiek heeft vervangen en daarmee verdeeldheid heeft gezaaid waar een vuist wordt gevraagd. Extreem-links en extreemrechts demonstreren hand in hand, afspraken zijn er niet, betrouwbare woordvoerders evenmin. Het zou naïef zijn alleen de sociale media de schuld te geven, maar de vele anonieme, saboterende en impulsieve berichten hebben ervoor gezorgd dat relschoppers met hun destructieve tactiek de economische doelstellingen van de ‘gele hesjes’ verdrongen. Vernieling won het van heldere eisen, lagere instincten verdrongen burgerfatsoen en beheersing, ineens leek alles tegelijk opnieuw te moeten worden opgebouwd

Intussen zouden de demonstranten volgens socioloog Alexis Spire niet minder staatsinmenging willen maar juist meer, om orde te bewaren, veiligheid te garanderen en onbeheersbare immigratie tegen te gaan. Wie goed luisterde begreep dat Marine le Pen het zou winnen van Macron als er nu verkiezingen zouden plaatsvinden. Le Pen nam alvast een voorschot door de president aan te raden het volk tegemoet te komen. Daarop beloofde de zichtbaar aangeslagen Macron uitstel van executie. Maar de Fransen willen geen kruimels, ze willen het hele stokbrood. Le pain of Le Pen.

 

 

Geen reactie's

Geef een reactie